Aan een meisje dat omkwam op zee

Schepen zie ik, een klap. Een plan?
Het vagevuur: hutten in brand.
De plons die wachtte maar niet kwam.

De fakkel houdt een hapering
tot de bemanning valt en zinkt
die hielp bij jouw beveiliging.

En dan die ziekige pastoor.
Staalhard geeft hij de boodschap door:
hier wordt jouw laatste biecht gehoord.

Ik denk aan jou, wakker in bed.
Mijn hele reis als dit gebed:
dood, sterven, wanneer eindigt het?

Er is een trots in eenzaamheid
die tot gepaste kleding leidt
en ’t zegenende water mijdt.

Mijn hand haal ik in het gedruis
van ’t zondags maal weg van ‘t fornuis.
Ik schik mijn das en sla een kruis.

Cal Thomas


Geplaatst op

januari 2023

Inzending Facebook Vertaalwedstrijd 142