Dissonerenden

Muziek met jou gehoord was muzikaler,
brood dat ik met jou brak was meer dan brood.
Nu, zonder jou, ben ik totaal verlaten.
Alles wat ooit zo prachtig was is dood.

Mijn hart? Mistroostig als een stadsplantsoen:
het gras lijdt onder schaamteloze stellen,
een lucifer en heimelijk gezoen,
de maan oogt bleek van slaap.

Ah, zal ik ooit naar jou voorover buigen,
jouw zoet proeven, wanneer de nacht weer komt,
jouw boezem voelen onder lindebloesem,
zo warm en zacht, ik kus je mooie mond,

en ‘k scheur jouw vreemde vlees met dolle vingers,
en uit jouw ogen slurpt mijn mond de wijn,
kom ademloos tot jou, lichaam aan lichaam,
tot dat na dierlijk goddelijk zal zijn –

Zou ik wel, lamia, zo glanzend, geurig,
je kijkt me sluimerend maar magisch aan,
je parfum is bedwelmend, zacht en koortsig,
romantisch kracht vinden om op te staan,

mijn hart verzetten langs een zee aan afstand,
met liefde, puur, voor haar van wie ik kwam?
Katachtig sluip je achter me en naast me,
Parfum omringt me als een zachte vlam.

Conrad Aiken


Geplaatst op

april 2023

Inzending Facebook Vertaalwedstrijd 144; het origineel bestond uit verschillende regels van een groter gedicht.