Meindert

Algebra

Vertel, wat moet ik nu met Algebra?
Een lied van Loekie Knol. Menig student
heb jij aan het passend gebruik gewend
van de dubbele pijl: Staat voor en na

dit heldere equivalentieteken
hetzelfde, weet je echt dat dat zo is,
weet je waarom, heb je je vergewist,
dan mag je pas van gelijkwaardig spreken.

Met wetten die sinds Aristoteles
het fundament zijn van het redeneren,
volmaakt als een perfect getal, als zes,
bleef jij studenten Algebra aanleren,
voor wie een 6 al heel bijzonder is.
Wiskundeles. En nu geschiedenis.

Coderingstheorie

Jij stond altijd bekend als KAM02.
De K van Koolstra, net zoals de A,
de M van Meindert, volgnummer er na.
Wie KAM01 ooit was? ‘k Heb geen idee.

Ooit gaf je jarenlang Structuren 3.
Daar kon je van de wiskunde vertellen
die helpt om brakke codes te herstellen.
Een kras op je CD hoor je zo niet.

Een ander krijgt misschien slechts boze dromen
van het doorrekenen van polynomen,
laat staan van al dat werk aan redundantie.
Bij jou schijnt door hoe mooi dit thema is,
dat jij de wiskunde als elegant ziet.
Wiskundeles. En nu geschiedenis.

Programmeren

Na een paar jaren bij het NLR
waarbij je vloeiend code schreef in Fortran,
technische taal, waarin heel veel heel kort kan,
ging je naar Windesheim. Pascal werd er

geschreven, en de cursus PTP
bracht sommige studenten moedeloosheid,
ze reageerden vragend, soms met boosheid:
“Meindert, wat is hiervan toch het idee?”

Maar zelfs Muharrem heeft het vak gehaald.
Al snel meldde zich weer een nieuwe taal:
De Sun ging op boven de Javazee.
De vraag blijft, hoeveel wiskunde dit is.
’t Was informatica, ’t werd ICT.
Wiskundeles. En nu geschiedenis.

Goniometrie

Het woordje sinus, ach, wie kent het niet.
Een leerling denkt al snel aan S.O.S.
en kent daarbij het uitrekenproces.
Voor anderen nog onbekend gebied.

Ooit trof ik in mijn oude stad twee vrinden.
Een vrolijk stel. De ene heette Ko,
de ander Sienus. Ja, het was echt zo.
Ze konden het samen altijd goed vinden.

Formules voor de sinus van de som,
de dubbele hoek, kom daar nog maar eens om.
Weten studenten wat een secans is?
De eenheidscirkel, de goniometer,
of soscastoa, zeg me, wat werkt beter?
Wiskundeles. En nu geschiedenis.

Roosters

Een rooster? Het Cartesische product
van Z met Z, in ’t Engels ook een grid,
het loopt oneindig door, hoe gek is dit,
maakt dit je vrolijk of veeleer bedrukt?

Als je een driehoek vormt met roosterpunten,
dan geeft de stelling van een zekere Pick
de oppervlakte in een ogenblik.
Met kennis daarvan kun je aardig stunten.

Ook kan het spel van even en oneven
op roosters fraaie resultaten geven,
getuige ook een som van Algebra,
die ook model voor blikwisseling is.
Moeilijk daarvoor, maar makkelijk daarna.
Wiskundeles. En nu geschiedenis.

Geschiedenis

In zeven weken sprak je, steeds vol geestdrift,
over papyrusrollen, kleitabletten,
de Grieken met hun stellingen en wetten,
waarin vaak weer een axioma meelift.

Je sprak over de aloude problemen
als het in drieën delen van een hoek,
de cirkelkwadratuur; ze staan te boek
als hordes die men nooit heeft kunnen nemen.

Cardano, Huijgens en Ludolph met pi,
en ook de laatste stelling van Fermat
waar Wiles ineens een echt bewijs voor had.
Cantor, en meetkunde na Euclides.
Herkansingen, soms wel een stuk of drie.
Geschiedenis. Nu rest wiskundeles.


Posted

in

by