Menselijk is je te vergissen.
Maar door een aanwijzing te missen
trof ik een dal vol duisternissen
waarin ik dwaalde door de nacht.
Geen netwerk dat me nog herkende
en nergens ruimte om te wenden.
Vanuit mijn diepten van ellende
sprak ik vertrouwde woorden. Zacht.
Een stroom van ongerechtigheden…
Psalmen, gezangen en gebeden
vielen me vaker in de rede
als ik mijn onheil overdacht.
Zonsopkomst voelt als een bevrijding.
De bergpas, waaraan ik voorbijging
verliest bij nader inzien dreiging.
Een lange reis is zo volbracht.